Blog
Een kleurrijke ruimte-achtergrond met roze en blauwe nevels, waarop een halfdoorzichtig wit icoon staat van een pijl die zich splitst naar links en rechts, wat het maken van een keuze symboliseert.
terug naar overzicht
Door
Gerwin Eersen
icon leestijd
8
minuten leestijd

SALTO Space lokaal of in de cloud: wat past bij jouw klanten?

Als SALTO-dealer richt je niet alleen de toegangscontrole in. Je krijgt ook te maken met de IT-omgeving waarop SALTO Space draait. Waar komt de server te staan? Wie beheert die? Hoe regel je back-ups en updates? En hoe krijg je toegang als een klant ondersteuning nodig heeft?

Bij één klant met een lokale server is dat vaak goed te overzien. Maar zodra je meerdere installaties beheert, krijg je te maken met verschillende servers, netwerken, configuraties en verantwoordelijkheden.

Dan ontstaat vanzelf de vraag: blijf je SALTO Space lokaal bij iedere klant hosten of zet je de serveromgeving centraal in de cloud?

Beide opties kunnen geschikt zijn. De beste keuze hangt onder meer af van de omvang van de installatie, technische koppelingen, het IT-beheer bij de klant en de manier waarop je als dealer support wilt leveren. In dit artikel vergelijken we beide mogelijkheden en lees je waar je technisch en organisatorisch op moet letten.

In het kort het antwoord: SALTO Space kan lokaal bij de klant draaien of op centraal gehoste serverinfrastructuur. Een lokale server geeft de klant directe controle over de infrastructuur. Cloudhosting maakt centraal beheer, back-ups en onderhoud eenvoudiger te organiseren. Welke optie het beste past, hangt af van de installatie, netwerkverbindingen, lokale apparatuur, integraties en de gewenste verdeling van het IT-beheer.

‍

Wat is het verschil tussen SALTO Space lokaal en in de cloud?

SALTO Space is de beheersoftware waarmee onder andere gebruikers, toegangsrechten, deuren, toegangspunten en gebeurtenissen binnen een SALTO-installatie worden beheerd. Achter die software zit een serveromgeving.

SALTO beschrijft in de technische documentatie onder meer een Space-server, SQL Server-database en Space-service. De Space-service verzorgt onder andere de communicatie tussen de database, online SALTO-apparatuur, gebruikers van Space en eventuele integraties.

Bij een lokale installatie draait deze serveromgeving op infrastructuur bij de klant.

Bij cloudhosting draait de serveromgeving op externe infrastructuur en wordt deze via het netwerk bereikbaar gemaakt voor de onderdelen die ermee moeten communiceren. SALTO houdt in zijn actuele systeemvereisten expliciet rekening met cloud- en virtualisatieomgevingen.

Het belangrijkste verschil zit dus niet in het doel van SALTO Space, maar in de locatie en het beheer van de achterliggende IT-infrastructuur.

‍

Onderdeel Lokale SALTO Space-
server
SALTO Space in de cloud
Serveromgeving Bij de klant Centraal gehost
Hardwarebeheer Per klantlocatie Centraal te beheren
Back-ups Per omgeving organiseren Centraal te organiseren
Updates Per server plannen Gestandaardiseerd te beheren
Support Vaak afhankelijk van
klantnetwerk
Meer centraal in te richten
Capaciteit Afhankelijk van lokale server Centraal aan te passen
Technische
afhankelijkheid
Lokale infrastructuur Netwerkverbinding met
cloudomgeving

‍

Wil je specifiek weten hoe Gflex zo'n centrale omgeving voor dealers inricht? Bekijk dan SALTO Space in de cloud voor dealers.

‍

Waarom wordt lokaal serverbeheer lastiger als je meer SALTO-installaties beheert?

Een lokale server is op zichzelf niet ingewikkeld. De uitdaging ontstaat vooral wanneer iedere klantomgeving anders is.

Bij klant A draait een andere Windows Server-versie dan bij klant B. Klant C heeft een eigen IT-partner. Bij klant D moet je via een VPN naar binnen. Bij klant E is niet direct duidelijk wie verantwoordelijk is voor de back-up.

Iedere extra omgeving kan daardoor nieuwe afhankelijkheden toevoegen.

Denk aan:

  • verschillende serverconfiguraties;
  • verschillende netwerk- en firewallinstellingen;
  • afzonderlijke back-ups;
  • verschillende updatecycli;
  • servers met een verschillende leeftijd en capaciteit;
  • verschillende manieren om op afstand toegang te krijgen;
  • meerdere IT-partijen met eigen verantwoordelijkheden.

Bij enkele installaties hoeft dat geen probleem te zijn. Maar wanneer het aantal klanten groeit, kost het steeds meer tijd om al die omgevingen afzonderlijk te kennen en te onderhouden.

Het gaat dan niet alleen om technisch beheer. Ook support wordt minder voorspelbaar. Voor je een probleem binnen SALTO Space kunt onderzoeken, moet je soms eerst toegang krijgen tot het netwerk, de server of een andere omgeving van de klant.

Centralisatie kan een manier zijn om die verschillen te verkleinen.

‍

Wanneer is een lokale SALTO Space-server een logische keuze?

Cloudhosting is niet automatisch de juiste oplossing voor iedere SALTO-installatie.


Een lokale server kan bijvoorbeeld logisch zijn als een organisatie bewust haar applicaties en infrastructuur binnen het eigen netwerk wil houden. Zeker als de klant zelf beschikt over professioneel IT-beheer, hoeft het beheren van SALTO Space op locatie geen probleem te zijn.


Een lokale inrichting kan onder meer passen wanneer:

  • de klant zelf servers en applicaties professioneel beheert;
  • er slechts één overzichtelijke installatie is;
  • externe netwerkverbindingen beperkt of ongewenst zijn;
  • specifieke integraties sterk afhankelijk zijn van de lokale omgeving;
  • intern beleid een lokale serveromgeving voorschrijft;
  • de bestaande infrastructuur al geschikt en goed beheerd is.


Ook bij een lokale installatie blijven de technische eisen van SALTO belangrijk. De actuele documentatie stelt eisen aan onder meer Windows, SQL Server, processorcapaciteit, geheugen, opslag, DNS en netwerkcommunicatie. SALTO adviseert bovendien om de Space-service en de Space-database op dezelfde server te plaatsen vanwege mogelijke prestatieproblemen door latency.


De keuze voor lokaal of cloud begint daarom niet met de vraag welke techniek moderner is. Belangrijker is welke inrichting het beste aansluit op de omgeving die je moet beheren.

‍

Wanneer wordt SALTO Space in de cloud interessant?

Cloudhosting wordt vooral interessant wanneer het lokale serverbeheer steeds meer tijd en aandacht vraagt.

Stel dat je als dealer twintig, vijftig of nog meer installaties ondersteunt. Als iedere klant zijn eigen server, back-upproces en netwerkconfiguratie heeft, groeit niet alleen het aantal systemen. Ook het aantal uitzonderingen groeit.

Een centrale serveromgeving kan dan helpen om de infrastructuur te standaardiseren.

Dat is bijvoorbeeld interessant wanneer je:

  • meerdere SALTO Space-installaties beheert;
  • minder afhankelijk wilt zijn van servers bij klanten;
  • back-ups centraal wilt organiseren;
  • serveronderhoud wilt standaardiseren;
  • capaciteit eenvoudiger wilt kunnen aanpassen;
  • beheer op afstand overzichtelijker wilt maken;
  • minder verschillende IT-omgevingen wilt ondersteunen.


Bij een centrale inrichting blijft iedere SALTO-installatie natuurlijk zijn eigen technische en functionele aandachtspunten houden. Het voordeel zit vooral in de infrastructuur eromheen.

Cloudhosting betekent dus niet dat alle technische afhankelijkheden verdwijnen. Je verplaatst en standaardiseert vooral een belangrijk deel van het serverbeheer.

Voor meer achtergrond over het centraal aanbieden van applicaties en IT-infrastructuur lees je wat cloud computing is. Wil je verschillende cloudmodellen beter begrijpen, dan helpt de keuzehulp private cloud of public cloud.

‍

Waar moet je technisch op letten bij SALTO Space cloudhosting?

Een SALTO Space-server naar de cloud brengen is meer dan een virtuele Windows-server aanmaken en de software installeren.

De server moet kunnen communiceren met de onderdelen die voor de installatie nodig zijn. Daarom moet vooraf duidelijk zijn hoe de huidige omgeving is opgebouwd.

‍

Servercapaciteit en softwarevereisten

SALTO publiceert actuele systeemvereisten voor Space. Die verschillen onder meer op basis van het aantal IP-apparaten dat door de omgeving wordt beheerd.

Op het moment van schrijven ondersteunt SALTO voor nieuwe Space-installaties onder meer Windows 11 of Windows Server 2016 en hoger en SQL Server 2016 of hoger. SALTO maakt daarbij expliciet onderscheid tussen installaties met minder dan 300 IP-apparaten en grotere omgevingen bij het bepalen van benodigde processor- en geheugencapaciteit.

Die eisen kunnen met nieuwe versies veranderen. Controleer daarom bij iedere nieuwe omgeving of migratie de actuele documentatie van SALTO in plaats van uit te gaan van een oude configuratie.


Database en Space-service

De database bevat belangrijke informatie over de installatie, zoals gebruikersrechten, toegangsplannen en andere configuratiegegevens. De Space-service zorgt voor de verwerking en communicatie tussen verschillende onderdelen van het systeem.

Beschikbaarheid van deze onderdelen is daarom belangrijk.


Bij de inrichting moet je onder meer nadenken over:

  • databasecapaciteit;
  • back-ups;
  • herstelmogelijkheden;
  • onderhoud;
  • toegangsrechten;
  • monitoring van de server.


Een back-up hebben is daarbij iets anders dan kunnen herstellen. Leg daarom niet alleen vast dát er een back-up wordt gemaakt, maar ook hoe de omgeving wordt teruggezet als dat nodig is.


Netwerkverbindingen

Een cloudserver staat niet meer in hetzelfde lokale netwerk als de apparatuur bij de klant. De communicatie tussen de centrale server en andere onderdelen moet daarom technisch goed worden ingericht.

SALTO documenteert hiervoor verschillende communicatiepoorten en netwerkvereisten. Controleer daarom vooraf onder meer:

  • welke componenten met de Space-server communiceren;
  • welke poorten nodig zijn;
  • hoe naamresolutie is geregeld;
  • hoe verbindingen worden beveiligd;
  • welke firewallregels nodig zijn;
  • of vaste koppelingen of integraties aanwezig zijn.


Goede netwerkbeveiliging is daarbij onderdeel van de oplossing. Een server verplaatsen naar de cloud maakt een omgeving namelijk niet vanzelf veilig.


Lokale USB-apparatuur

Een goed voorbeeld van een lokale afhankelijkheid is USB-apparatuur.

SALTO heeft hiervoor de Local IO Bridge. Dit is een Windows-service die communicatie mogelijk maakt tussen de remote Space-server en ondersteunde USB-apparatuur op een lokale clientcomputer.

Dit laat goed zien waarom je vóór een migratie verder moet kijken dan alleen de server. Breng ook de randapparatuur en werkprocessen in kaart.

Persoon houdt een tablet vast met daarop een afbeelding van ons e-magazine over cyber security in de zorg.
tips & tricks in ict

Magazine: Cybersecurity in de Zorg

In het Gflex Magazine over cybersecurity in de zorg ontdek je hoe zorginstellingen zich kunnen beschermen tegen de toenemende dreigingen van cybercriminaliteit. Van het veilig delen van patiëntdata tot het beschermen van essentiële digitale werkprocessen. Download het magazine en lees hoe jij je organisatie kunt beschermen tegen cyberdreigingen.

Wat verandert er voor support en dagelijks beheer?

Een belangrijke reden om over cloudhosting na te denken is de manier waarop je support levert.

Bij een lokale installatie kan een melding over SALTO Space verschillende oorzaken hebben. Misschien ligt het probleem bij Space zelf, maar het kan ook zitten in de lokale server, database, netwerkverbinding of bereikbaarheid van de klantomgeving.

Voordat je inhoudelijk kunt beginnen, moet je soms eerst bepalen:

  • is de server bereikbaar?
  • draait de Space-service?
  • is de database beschikbaar?
  • werkt de verbinding met de locatie?
  • is de lokale infrastructuur in orde?
  • heb je toegang tot de omgeving?
  • welke IT-partij beheert het betreffende onderdeel?


Wanneer de serverinfrastructuur centraal en volgens een vaste standaard is ingericht, worden een aantal van deze onderdelen voorspelbaarder.

Monitoring, back-ups, serveronderhoud, updates en capaciteitsbeheer kunnen dan vanuit één beheerproces worden georganiseerd.

Dat betekent niet dat de ICT-partner het werk van de SALTO-dealer overneemt.

De dealer blijft verantwoordelijk voor zijn SALTO-projecten, de inrichting van de toegangscontrole en de relatie met de eindklant. Een ICT-partner kan zich juist richten op de onderliggende server-, cloud- en netwerkinfrastructuur.

Zo blijven de rollen duidelijk.

‍

Welke risico's en aandachtspunten heeft SALTO Space in de cloud?

Een centrale omgeving kan het beheer vereenvoudigen, maar alleen wanneer de technische inrichting klopt.

Daarom is het verstandig om vóór een keuze of migratie een aantal onderwerpen expliciet te controleren.


Connectiviteit blijft belangrijk

Als onderdelen op locatie met een centrale server moeten communiceren, is een werkende netwerkverbinding nodig.

Onderzoek daarom welke processen afhankelijk zijn van realtime communicatie en wat er gebeurt wanneer een verbinding tijdelijk niet beschikbaar is. De impact kan per type SALTO-apparaat en inrichting verschillen.

SALTO geeft bijvoorbeeld aan dat netwerkapparaten bij uitval van de Space-service zelfstandig of offline kunnen blijven functioneren, maar dan niet met de database kunnen communiceren totdat de service weer beschikbaar is.


Integraties moeten vooraf worden gecontroleerd

SALTO Space kan gekoppeld zijn aan andere systemen. Denk aan directorydiensten, gebouwsystemen of branchespecifieke applicaties.

Controleer bij een migratie onder meer of een koppeling afhankelijk is van:

  • een lokaal IP-adres;
  • een specifieke servernaam;
  • een databaseverbinding;
  • bepaalde netwerkpoorten;
  • een lokale applicatie;
  • certificaten;
  • een API of andere interface.


Een werkende SALTO Space-server betekent dus nog niet automatisch dat alle bestaande integraties probleemloos blijven werken.


Denk vooraf na over continuïteit

Bij toegangscontrole wil je niet pas tijdens een storing bepalen wie verantwoordelijk is.

Leg vooraf vast:

  • wie de server monitort;
  • wie meldingen ontvangt;
  • hoe vaak back-ups worden gemaakt;
  • waar back-ups worden opgeslagen;
  • hoe herstel wordt uitgevoerd;
  • wie verantwoordelijk is voor updates;
  • wie netwerkproblemen onderzoekt.


Daarmee voorkom je dat verantwoordelijkheden tussen dealer, eindklant en ICT-partner blijven liggen.

‍

SALTO Space lokaal of in de cloud: een praktische keuzehulp

De beste oplossing verschilt per project. Deze vragen helpen om de keuze concreter te maken.

Vraag Lokaal vaker
logisch
Cloud vaker logisch
Hoeveel omgevingen beheer je? Eén of enkele Meerdere
Heeft de klant professioneel IT-
beheer?
Vaak wel Niet noodzakelijk
Wil je infrastructuur standaardiseren? Minder belangrijk Belangrijk
Wil je lokale serverhardware
beperken?
Niet noodzakelijk Vaak wel
Wil je back-ups en monitoring
centraliseren?
Per klant mogelijk Goed centraal te organiseren
Zijn er bijzondere lokale integraties? Kan eenvoudiger
zijn
Eerst technisch onderzoeken
Verwacht je groei in het aantal
installaties?
Beperkt Centralisatie kan interessant
worden

‍

De belangrijkste vraag is daarom niet: wat is beter, lokaal of cloud?

Vraag liever:

Welke infrastructuur geeft ons de minste onnodige beheerlast zonder de technische werking van de installatie ingewikkelder te maken?

Bij de ene klant leidt dat naar een lokale server. Bij een dealer die veel verschillende omgevingen beheert, kan centralisatie juist een logische volgende stap zijn.

‍

Hoe verhuis je SALTO Space van een lokale server naar de cloud?

Een bestaande omgeving migreren vraagt voorbereiding. Zeker wanneer er al apparaten, gebruikers, koppelingen en lokale werkstations in gebruik zijn.

Een migratie bestaat op hoofdlijnen uit de volgende stappen:

  1. Breng de bestaande SALTO Space-omgeving in kaart.
  2. Controleer de actuele systeemvereisten van SALTO.
  3. Inventariseer netwerkverbindingen, randapparatuur en integraties.
  4. Bepaal de benodigde capaciteit van de nieuwe serveromgeving.
  5. Maak een actuele en controleerbare back-up.
  6. Maak een migratieplan en bepaal hoe je kunt terugvallen als iets niet werkt.
  7. Richt de nieuwe serveromgeving in en migreer de benodigde onderdelen.
  8. Controleer de communicatie met apparatuur en gekoppelde systemen.
  9. Test de belangrijkste beheer- en toegangscontrolefuncties.
  10. Richt monitoring, back-up en technisch beheer structureel in.


Hoe complex dit proces is, hangt af van de bestaande installatie. Een eenvoudige omgeving zonder bijzondere koppelingen vraagt een andere aanpak dan een grotere installatie met meerdere locaties en integraties.

‍

SALTO Space in de cloud met Gflex

Voor een SALTO-dealer moet cloudhosting vooral één ding opleveren: minder aandacht voor generiek serverbeheer, zodat je meer aandacht kunt besteden aan je eigen expertise.

Gflex richt daarom niet de toegangscontrole voor je in. We zijn bewust geen SALTO-dealer en verkopen geen SALTO-hard- of software aan jouw eindklanten. Dat sluit aan op de bestaande positionering van Gflex als ICT- en beheerpartner voor SALTO-dealers.

Wij richten ons op de infrastructuur waarop SALTO Space draait.

Afhankelijk van de situatie gaat het bijvoorbeeld om:

  • inrichting van de cloudomgeving;
  • serverbeheer;
  • monitoring;
  • back-ups;
  • updates;
  • netwerk- en infrastructuurondersteuning;
  • capaciteit en schaalbaarheid.


Zo blijft de rolverdeling helder. Jij houdt de klantrelatie en de kennis van SALTO en toegangscontrole. Gflex beheert de ICT-infrastructuur erachter.

Meer over de concrete inrichting lees je op SALTO Space in de cloud voor dealers.

Wil je breder bekijken hoe Gflex cloudomgevingen beheert, lees dan meer over private cloud en cloud werkplekken.

‍

Kies de infrastructuur die bij je beheer past

Een lokale SALTO Space-server kan een prima oplossing zijn. Zeker wanneer één klant een goed beheerde IT-omgeving heeft en er weinig reden is om die infrastructuur te veranderen.

De afweging verandert wanneer je als dealer steeds meer verschillende klantomgevingen moet ondersteunen. Dan kunnen lokale servers, afzonderlijke back-ups en uiteenlopende netwerkconfiguraties steeds meer tijd vragen.

Cloudhosting biedt dan een mogelijkheid om een deel van die infrastructuur te standaardiseren en centraal te beheren.

Niet omdat cloud per definitie beter is, maar omdat de inrichting beter kan aansluiten op de manier waarop je jouw SALTO-installaties wilt ondersteunen en laten groeien.

Wil je weten of dat voor jouw huidige SALTO Space-omgevingen zinvol is?

Plan een adviesgesprek. Dan bekijken we samen de bestaande infrastructuur, technische afhankelijkheden en manier van beheren.

‍

‍

ICT-beheer voor bedrijven in Nijkerk en omgeving

Bedrijven in Nijkerk en omgeving vertrouwen elke dag op Gflex voor solide ICT-beheer. Bij ons draait alles om het ondersteunen van jouw werk. We houden je systemen veilig, stabiel en up-to-date. Zonder gedoe. Zonder ruis. Zodat jij gewoon je werk kunt doen. Punt. Wij regelen het.

Gflex is de regionale ICT-partner waarop je kunt bouwen.

Landkaart met plaatsaanduiding van Nijkerk, de vestigingsplaats van Gflex.

Veelgestelde vragen

Salto Space lokaal of in de Cloud

Kan SALTO Space op een cloudserver draaien?

Ja. SALTO houdt in de actuele systeemvereisten rekening met cloud- en virtualisatieomgevingen. De serveromgeving moet wel voldoen aan de technische eisen van SALTO en de benodigde verbindingen met apparatuur en integraties moeten correct worden ingericht.

Wat is het verschil tussen SALTO Space lokaal en in de cloud?

Bij een lokale installatie draait de serveromgeving bij de klant. Bij cloudhosting draait die infrastructuur centraal op afstand. Vooral de locatie, het serverbeheer, de netwerkverbindingen en de manier waarop back-ups, updates en monitoring worden geregeld veranderen.

Wat verandert er in het beheer als SALTO Space in de cloud draait?

Voor de SALTO-dealer verandert vooral het beheer van de onderliggende serveromgeving. Back-ups, monitoring, updates en servercapaciteit kunnen centraal worden georganiseerd. De inrichting en het beheer van SALTO Space en de toegangscontrole blijven onderdeel van het werk van de dealer. Zo kunnen de verantwoordelijkheden voor ICT-infrastructuur en toegangscontrole duidelijk van elkaar worden gescheiden.

Is SALTO Space in de cloud geschikt als je meerdere klanten beheert?

Dat kan juist een interessante situatie zijn voor cloudhosting. Door de serverinfrastructuur te standaardiseren kun je beheer, monitoring en back-ups centraler organiseren. Of dat voor jouw installaties geschikt is, hangt ook af van netwerkverbindingen, lokale apparatuur en integraties.

Waar moet je als SALTO-dealer op letten vóór een cloudmigratie?

Breng de server, database, netwerkverbindingen, SALTO-apparatuur en integraties in kaart. Controleer daarna de actuele SALTO-systeemvereisten en bepaal hoe je back-up, herstel, monitoring en verantwoordelijkheden na de migratie regelt.
Vragen? Bel
Rudy
Deel dit artikel